Gebrek aan journalistieke objectiviteit

Gebrek aan journalistieke objectiviteit

Een ANP-bericht over het Chinese jongetje Hui stond op de internetsite van het Algemeen Dagblad. Astrid Essed stoort zich eraan dat het bericht klakkeloos is overgenomen en niet gecontroleerd is. Voor een objectieve journalistiek vindt zij dat noodzakelijk.

ANP-bericht:

Het 8-jarige Chinese jongetje Hui dat in Zeist samen met zijn moeder in detentie zit, blijft daar zitten. De rechter in Zutphen verklaarde vrijdag het beroep tegen de inbewaringstelling van de moeder, mevrouw Chen, ongegrond. De moeder heeft in Nederland asiel aangevraagd, maar is reeds lang uitgeprocedeerd. 'Zij behoort daarmee tot een groep vreemdelingen op wie het project terugkeer van toepassing is', aldus de rechtbank. Dit houdt in dat de minister intensief werkt aan de uitzetting uit Nederland. Een ultieme sanctie daarbij is het opleggen van vreemdelingenbewaring. De bewaring van de moeder is volgens de rechtbank niet in strijd met de Nederlandse wet- en regelgeving of internationale verdragen. (ANP)

Bron AD

Astrid Essed aan de internetredactie van het Algemeen Dagblad:

Geachte redactie,

Ik wil graag uw aandacht vragen voor het volgende:
In uw berichtgeving dd 29-9 betreffende de uitspraak van de rechter in hoger beroep tegen de bewaring van de 8-jarige Hui Chen in detentiecentrum Zeist, stelt u, dat de betreffende rechter het beroep tegen de inbewaringstelling van de moeder van Hui en Hui zelf, heeft afgewezen
Tav de moeder wordt als argumentatie aangevoerd, dat zij is uitgeprocedeerd en het land dient te verlaten, maar niet zou willen meewerken aan haar terugkeer
Tav de 9 jarige Hui wordt aangevoerd, dat zijn moeder er zelf voor gekozen zou hebben, 'hem in de cel bij zich te houden [uw verslag van de rechtbankuitspraak] en 'dat hij eveneens naar familie, pleeggezin of vrienden gekund had' [uw verslag rechtbankuitspraak] Van belang is verder, dat u in uw berichtgeving vermeldt, dat, volgens de rechter, de bewaring niet in strijd is met de Nederlandse wetgeving cq de internationale verdragen Met een dergelijke berichtgeving, zonder enige kritische achtergrondinformatie uwerzijds, maakt u zich zowel schuldig aan tendentieuze berichtgeving als aan gebrek aan journalistieke objectiviteit.

Gebrek aan journalistieke objectiviteit:
Zoals u ongetwijfeld zult weten, is een van de belangrijkste ijkpunten voor goede en verantwoorde journalistiek het principe van hoor en wederhoor, hetgeen garant staat voor een objectieve en evenwichtige berichtgeving. Door echter melding te maken van de gerechtsuitspraak, zonder enige referentie aan de door - gerenommeerde mensenrechten - en vluchtelingenorganisaties geventileerde kritiek op met name de bewaring van kinderen, maakt u zich schuldig aan eenzijdige, incomplete en tendentieuze berichtgeving.

Te uwer informatie:

  1. Tav de berichtgeving betreffende de moeder van Hui:
    In de eerste plaats is het van belang, dat u niet alleen refereert aan de door de rechtbank gedane uitspraak tav 'het gebrek aan medewerking van de moeder van Hui Chen aan haar terugkeer naar China', maar eveneens aan het bij vluchtelingen en mensenrechtenorganisaties bekend zijnde gebrek aan medewerking, van de kant van de Chinese autoriteiten, tav het verstrekken van de juiste reisdocumenten Door de vermelding hiervan ontstaat een evenwichtiger beeld van de sociaal-humanitaire situatie van moeder en kind
    Bovendien dient, bij uitblijven van de medewerking van de autoriteiten, volgens de Nederlandse vreemdelingenwetgeving, op grond van het buitenschuldcriterum, een verblijfsvergunning te worden uitgereikt
    In hoeverre hiervan momenteel sprake is, valt buiten dit betoog, dat er slechts op gericht is, u te wijzen op uw verantwoordelijkheid van 'hoor en wederhoor'
  2. Tav bewaring Hui Chen:
    Van groter belang echter acht ik uw incomplete en tendentieuze berichtgeving tav de bewaring van de 8-jarige Hui Chen.
    Volgens de Zutphense rechtbank heeft de moeder er zelf voor gekozen Hui 'in de cel bij haar te houden' en is deze bewaring niet in strijd met de internationale wetgeving, waarbij echter duidelijke kanttekeningen dienen te worden gemaakt.
    In de eerste plaats wil ik opmerken, dat de volgens de rechtbank, door de moeder 'vrijwillig' gemaakte keuze' niet aan de orde is, aangezien kinderdetentie in strijd is met de internationale wetgeving, namelijk het Kinderrechtenverdrag dd 1989 [in Nederland in werking getreden dd 1995]
  3. Kinderrechtenverdrag:

    Te uwer informatie:
    De detentie van Hui Chen is in strijd met de volgende artikelen van het Kinderrechtenverdrag

    Preambule:
    Schending gelijkheidsprincipe:

    In de preambule van het verdrag staat vermeld, dat in dezen geen enkel onderscheid tussen kinderen gemaakt dient te worden, noch naar afkomst, ras, religieuze overtuiging of status.
    Artikelen:

    • 1 Schending Artikel 3 betr de vooropstelling belangen van het Kind
      In artikel 3, Kinderrechtenverdrag, wordt gesteld, dat de Verdragsstaten in de eerste plaats als verplichting hebben, de belangen van het Kind te realiseren. Betreffende de detentie van de 8-jarige Hui is het evident, dat hier sprake is van fundamentele schending van de rechten van het kind
    • 2 Schending artikel 40,3, lid a betr de minimumleeftijd voor kinderdetentie
      Hier is sprake van naar leeftijd willekeurige detentie van kinderen, die in de praktijk varieert van 1 tot 18 jaar. Gezien de 8-jarige leeftijd van Hui Chen is hierop geen aanvulling nodig.
    • 3 Schending van artikel 28 betreffende het recht op onderwijs.
      Aangezien er in de detentiecentra geen sprake van het geven van enig onderwijs, behoeft hierop geen verdere toelichting te worden gegeven.
    • 4 Schending van artikel 31, inhoudende het recht op spel en recreatie, hetgeen in de detentiecentra voor asielkinderen doorgaans praktisch niet aanwezig is.
    • 5 Schending van artikel 37 betr het absolute verbod op marteling en een 'wrede en onmenselijke behandeling'.
      Het is evident, dat kinderen, die bloot staan aan bovengenoemde detentieomstandigheden, behandeld worden in strijd met de volgens het Kinderrechtenverdrag geldende verplichting tot een humane behandeling.

    Eveneens kunnen zij door een dergelijke behandeling traumata oplopen, waardoor er sprake kan zijn van een 'wrede en onmenselijke behandeling'. Dit is in strijd met artikel 37, Kinderrechtenverdrag, dat een wrede en onmenselijke behandeling uitdrukkelijk verbiedt.

  4. Vluchtelingen en mensenrechtenorganisaties:
    Ongetwijfeld bent u op de hoogte van de actie 'Geen kind in de cel', waarvan pleitbezorgers zijn gerenommeerde vluchtelingen, kerkelijke en mensenrechtenorganisaties zoals Vluchtelingenwerk, Defense for Children, Kerk in actie, Unicef en Amnesty International.
    Zie http://www.geenkindindecel.nl/
    Eveneens wordt er door deze organisaties verwezen naar de schendingen van het Kinderrechtenverdrag.

    Zie ook:
    - Unicef
    - Eveneens heeft de gerenommeerde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch zich in het recente verleden kritisch uitgelaten tav de niet naleving van het Kinderrechtenverdrag tav asielzoekerkinderen.

Het lijkt mij dan ook van belang, dat u eveneens van bovenstaande informatie melding maakt, die gemakkelijk voor u te controleren is door een bezoek aan de genoemde websites. Een en ander zal leiden tot een kritischer en meer objectieve berichtgeving tav dit onderwerp, hetgeen uw journalistieke taak is tav het internetlezende publiek.

Vriendelijke groeten,
Astrid Essed
e-mailadres A. Essed