Zorg om de zorg

Zorg om de zorg (2)


Door Kim van Keken
Dit artikel is in licht gewijzigde vorm eerder gepubliceerd als Medisch toerisme? Een fabel in de Volkskrant van 18 februari 2006

Door het asielbeleid van het kabinet wordt het voor illegalen en uitgeprocedeerde asielzoekers steeds moeilijker om een medische behandeling te verkrijgen. De medici weten nauwelijks wat er wel en niet is toegestaan. 'Het huidige vreemdelingenbeleid druist vaak in tegen het natuurlijk handelen van medici.'

Rob Smeets, psychiater en bestuurder bij GGZ Friesland: Medische zorg voor vreemdelingen is nou eenmaal geen onderwerp waarmee partijen kunnen scoren. 'Het belang is een keiharde asielpolitiek en dat gaat weleens ten koste van humanitaire waarden.'

Ruim twee jaar geleden presenteerde Smeets, in de rol van onafhankelijk commissievoorzitter, een rapport over de medische mores in het vreemdelingenbeleid. Hij concludeerde na samenspraak met tien gezaghebbende medici en juristen dat de gezondheidszorg voor vreemdelingen niet bepaald vlekkeloos verloopt.

De commissie-Smeets deed veertien aanbevelingen aan het kabinet. Vier wensen werden overgenomen, twee gedeeltelijk. De rest, volgens medici de belangrijkste, werd naar de prullenbak verwezen. 'Er ligt hier een weldoordacht rapport. We zijn niet over één nacht ijs gegaan. We hebben gezocht naar een streng, maar wel rechtvaardig en menselijk beleid. Helaas is het rapport, met het huidige restrictieve beleid, alles behalve gewenst.'

Jarenlang wordt gediscussieerd over het vreemdelingenbeleid en de medische zorg. Het ingewikkelde thema brengt een continue stroom dilemma's met zich mee. Maar hoort niet iedereen in Nederland het recht op zorg te krijgen, ook al is de vreemdeling illegaal?

Rond de millenniumwisseling wordt de gezondheidszorg voor vreemdelingen ook in de politiek groot uitgelicht. Een met HIV besmette Somalische vrouw dient het land te verlaten. Veel Nederlanders schamen zich, omdat een ernstig zieke vrouw wordt teruggezonden naar een onderontwikkeld gebied.

De staatssecretaris van Justitie en de minister van Volksgezondheid besluiten een commissie in te stellen die de medische aspecten en juridische kanten binnen het Nederlandse vreemdelingenbeleid moet onderzoeken. Eind 2004 presenteert Smeets zijn rapport en helpt daarmee een fabeltje over medisch toerisme uit de wereld. 'Het aantal Nederlanders dat zich voor een medische behandeling naar het buitenland begeeft, is vermoedelijk een veelvoud van het aantal vreemdelingen dat om diezelfde reden hierheen komt.' Sterker nog, de commissie signaleert dat de zieke (ex-)asielzoeker niet in de watten wordt gelegd. 'In Nederland wordt eerder te weinig dan te veel aandacht besteed aan de medische aspecten rond vreemdelingen', luidt de conclusie. Het rapport wordt meteen omarmd door advocaten, mensenrechtenbewakers en vluchtelingenorganisaties.

En door de medische wereld. De artsenfederatie KNMG waarschuwt al jaren voor een gebrekkige gezondheidszorg voor vreemdelingen. Het strenge asielbeleid druist immers vaak in tegen het 'natuurlijk handelen' van hulpverleners. De grootste zorg van de federatie is de toegankelijkheid van de zorg voor vreemdelingen. Artsen krijgen te maken met drempels en niet-artsen moeten beoordelen of een asielzoeker recht heeft op medische hulp.

Veel kritiek treft vooral het Bureau Medische Advisering (BMA) van het ministerie van Justitie. De specialisten van dit bureau moeten vaststellen of een asielzoeker in een medische noodsituatie verkeert. Op basis van dit advies bepaalt de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) of een vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsstatus.

De commissie-Smeets ziet een mogelijke belangenverstrengeling tussen het BMA en de IND, die beide onder Justitie vallen. De specialisten stellen vragen op gezag van het departement, volgen een door de IND opgestelde standaardprocedure en zien de asielzoeker zelden. Bovendien kan alleen het BMA opdracht geven voor een medisch onderzoek, de vreemdeling zelf kan het bureau niet inschakelen. 'Een arts die een geneeskundige verklaring uitbrengt, moet dat kunnen doen zonder beïnvloeding', aldus de commissie. De conclusie is dat de medische adviseurs verantwoording moeten afleggen aan de IND.

Minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken blijft vasthouden aan 'de autonome positie', vastgelegd in een protocol van het BMA. De korte lijntjes tussen de medische adviseurs en de IND leiden juist tot een efficiënte werkwijze, meent zij. De BMA-artsen kunnen zo sneller hun werkwijze aanpassen.

Positionering
Wel heeft Verdonk de Tweede Kamer toegezegd dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg onderzoek gaat doen naar 'de positionering' van het bureau. De uitslag van dat onderzoek laat al ruim een jaar op zich wachten. Volgens het ministerie wordt het rapport binnenkort openbaar gemaakt.

De medische wereld, vluchtelingenorganisaties en de commissie-Smeets bekritiseren ook de manier waarop het BMA kijkt of de behandeling van een bepaalde ziekte mogelijk is in het land van herkomst. Het adviesbureau gebruikt in rapporten meestal gegevens van een organisatie als International SOS, die bijvoorbeeld stelt dat in Angola een apparaat voor nierdialyse aanwezig is.

In maart 2005 concludeerde de rechtbank in Den Haag in een zaak van een suïcidale vrouw uit Azerbeidzjan dat informatie van het BMA soms te summier is. 'International SOS is een hulporganisatie die zich uitsluitend richt op medische zorg voor westerlingen die in het buitenland zorg behoeven', aldus de rechter. In een reactie zegt het ministerie van Justitie meerdere bronnen te gebruiken.

Naast onduidelijke informatie is ook vaak niet helder of een in Nederland uitgeprocedeerde asielzoeker toegang heeft tot nierdialyse in Angola. Organisaties stellen dat het BMA vrijwel altijd meldt dat behandeling in het land van herkomst mogelijk is. Verdonk zei enkele maanden geleden dat het onmogelijk is na te gaan of een uitgeprocedeerde asielzoeker bij terugkeer in eigen land feitelijk toegang krijgt tot medische zorg.

Daarnaast is de gezondheidszorg in Nederland meestal beter dan in de landen waar vluchtelingen vandaan komen. Financiële argumenten (een nierdialyse zou te duur zijn voor de ex-asielzoeker in Angola) spelen geen rol. Wel maakt het ministerie een uitzondering voor asielzoekers die wegens discriminatie geen recht hebben op medische behandeling in het land van herkomst. Dat moeten zij dan wel zelf aantonen.

Smeets levert in zijn rapport ook forse kritiek op de medische zorg aan illegalen en asielzoekers die een nieuwe medische procedure zijn aangegaan (en die geen recht op opvang hebben). Zij zijn onverzekerd en krijgen alleen noodzakelijk medische hulp, soms belanden de vreemdelingen tussen de wal en het schip. Illegalen krijgen dan wel de medisch noodzakelijke hulp, maar dat begrip wordt steeds verder ingeperkt, vinden vluchtelingenorganisaties én medici.

Arts Evert Bloemen van Pharos (Kenniscentrum Vluchtelingen en Gezondheid) signaleert een hard klimaat in zijn recente boek Een briefje van de dokter. 'Het verlenen van zorg aan onverzekerde vreemdelingen kan steeds restrictiever worden toegepast met een steeds striktere hantering van het begrip medisch noodzakelijk.'

Smeets erkent dat asielzoekers vaak een medische procedure beginnen in de hoop alsnog een verblijfsstatus te bemachtigen. Maar zieke vreemdelingen moeten daar niet de dupe van worden, vindt Smeets.

'Het huidige vreemdelingenbeleid druist vaak in tegen het natuurlijk handelen van medici. Het rapport staat los van emotie en de waan van de dag, maar laat wel zien dat medisch Nederland zo over het beleid denkt. De politiek heeft dat naast zich neergelegd, deze regering weet kennelijk zelf wel hoe het moet.'

Noodsituaties
De aanvraag voor een verblijfsvergunning voor medische behandeling is een reguliere aanvraag. Het verblijf heeft een doel en is dus geen asielaanvraag. Een vreemdeling die een regulier verzoek doet, moet in principe een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) hebben. De mvv moet bij de Nederlandse ambassade in het land van herkomst worden aangevraagd. Ook moet de vreemdeling in het bezit zijn van een paspoort. De voorwaarde is dat de prijs van de noodzakelijk medische behandeling deugdelijk is gefinancierd. Zieke asielzoekers kunnen ook een aanvraag doen voor een status wegens een medische noodsituatie. Dan hoeven ze geen mvv aan te vragen en hoeft de behandeling niet te worden gefinancierd. Wel moet de aanvrager een geldig paspoort hebben. Er is een verschil tussen een tijdelijke en een langdurige noodsituatie. Degene die langer dan een jaar in 'een noodsituatie' verkeert, kan een tijdelijke verblijfsvergunning krijgen. Anderen kunnen zich beroepen op artikel 64, dat de uitzetting een paar maanden (of langer) uitstelt.
Zie ook onder Getuigenissen, de ervaringen met Youssouf en Gagik Asatrjan.

 

Zorg om de zorg (3)

De zorg in de asielzoekerscentra laat veel te wensen over. Zo stierf er een kind van twee in Schinnen nadat de ouders tevergeefs hadden aangeklopt bij de verpleegpost. Ook Marthe Moamba verloor haar kind. Ondanks dat ze had gezegd dat haar baby niet meer bewoog, negeerde de verpleegkundige dit.

Schinnen
Justitie in Maastricht onderzoekt de dood van een jongetje van twee uit een Macedonisch gezin in het asielzoekerscentrum in Schinnen. De ouders deden aangifte van dood door schuld. Diverse keren meldden ze zich met hun zieke kind bij de verpleegpost. Uiteindelijk verwees een huisarts hen naar het ziekenhuis waar het kind overleed.
Bron: Het Parool van 20 april 2006

Job
Yvonne B Wolthuis-Olf werd op 30 januari 2006 geattendeerd op het trieste lot van Marthe Moamba. Moamba was drie maanden zwanger toen zij in het grenshospitium kwam (ondanks dat zwangere vrouwen niet langer dan drie maanden in daar mogen blijven). Een aantal weken alvorens zij zou bevallen, gaf zij aan dat haar 'baby niet meer bewoog', waarop de verpleegkundige steevast zei: 'Mevrouw uw baby slaapt.' Moamba kreeg paracetamol tegen de buikpuin. Op 26 januari heeft ze een voldragen baby die de naam Job kreeg dood ter wereld gebracht. Mede omdat Wolthuis-Olf dit zo onmenselijk vond besloot ze aandacht voor Marthe Moamba te vragen.

Wolthuis-Olf: 'Dat heb ik gedaan door nog in de nacht van 30 op 31 januari een persbericht* te maken, dat door Het Parool werd opgepikt. Ik heb vervolgens samen met de verslaggever de dienst in de rouwkamer van het AMC te Amsterdam bijgewoond. Ook zijn we naar de begrafenis op de kinderbegraafplaats Santa Barbara te Amsterdam geweest, wat voor ons ook een vreselijk aangrijpende gebeurtenis was. Het was zo droevig dat ik dit niet zomaar naast mij neer heb kunnen leggen. Ik meende er goed aan te doen bij de Inspectie Volksgezondheid te Amsterdam een formele klacht in te dienen. Inmiddels heb ik bericht van de inspecteur dat er een oriënterend onderzoek plaats zal vinden. Dat er na zo'n traumatische gebeurtenis psychiatrische hulp moest komen, spreekt voor zich. Of de hulp adequaat is geweest, kan ik niet zeggen. Ik heb er mijn twijfels over. Want er ik kort na de begrafenis gehoord dat mevrouw Moamba geprobeerd heeft zelfmoord te plegen. Daarna is zij 's avonds nog naar Nieuwersluis overgebracht. Het voormalig Militair Penitentiair Centrum dat nu dienst doet als de Penitentiaire Inrichting voor Vrouwen.

Verleden week kreeg ik bericht dat mevrouw Moamba naar het UC Zestienhoven is gebracht. Ik voorzie nu dat ze wordt uitgezet en baby Job op de Amsterdamse begraafplaats blijft.

Enkele opmerkingen:

  • De termijn waarop de bewaring door de Vreemdelingenkamer getoetst wordt is vanaf 1 september 2004 vastgesteld op 28 dagen;
  • Mensen mogen normaal vanaf 8 uur 's ochtends tot 17.00 uur 's avonds van hun cel af, maar bij de afdeling AO mogen mensen tot 21.00 uur van hun cel.
  • Signalen die we achteraf hebben gehoord via mensen uit het UC per telefoon:
  • Er is geen mogelijkheid tot postverkeer vanuit het UC;
  • Er is te weinig geld om te kunnen bellen via een tolkentelefoon (dit werd ook aangegeven door een moeder die in het uitzetcentrum verbleef);
  • De activiteitenbegeleidster zou maar een paar uur per dag aanwezig zijn;
  • Kinderen zouden getuige zijn van mensen die door het lint gaan.

*) Inspectie onderzoekt zaak doodgeboren baby in uitzetcentrum Zestienhoven.

In 2004 constateerde de Inspectie Volksgezondheid dat er geen daglicht is in het gebouw van UC Zestienhoven, geen toevoer van buitenlucht, artsen vaak niet tijdig ter plaatse zijn en dat psychiatrische zorg niet of te laat geboden wordt. De omstandigheden waaronder vluchtelingen verblijven op Zestienhoven kan leiden tot verergering of ontstaan van psychiatrische klachten. Inmiddels zijn er naar aanleiding van het rapport van de Inspectie bijstellingen geweest.

 

Zorg om de zorg (4)

Weigering zorg aan onverzekerden
Ziekenhuizen weigeren patiënten. Dit zeggen de Rotterdamse arts M. Kok, die illegalen hulp verleent, en de huisarts F. Sikken in Medisch Contact. Volgens de artsen worden patiënten zonder een identiteitsbewijs of verzekeringsbewijs bij de receptie van ziekenhuizen vaak al weggestuurd zonder dat iemand heeft beoordeeld of ze dringend medische hulp behoeven. Een Rotterdams ziekenhuis zou de artsen hebben gemeld dat zij nooit onverzekerden behandelen.

Volgens het Tweede-Kamerlid Khadija Arib (PvdA) wijzen ook het Sint Franciscus Gasthuis in Rotterdam en het Medisch Centrum Haaglanden in Den Haag onverzekerden af. Samen met GroenLinks heeft Arib opheldering gevraagd aan minister Hoogervorst. PvdA en GroenLinks willen dat Hoogervorst een waarborgfonds instelt dat ziekenhuizen compenseert.

Sinds de invoering van de nieuwe zorgverzekeringswet kunnen ziekenhuizen geen beroep meer doen op een pot voor hulp aan onverzekerden. Als ze deze patiënten tóch behandelen, komen de kosten voor rekening van het ziekenhuis.

De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) pleit al langer voor de invoering van een waarborgfonds. Hoogervorst wil het alleen invoeren als blijkt dat het aantal onverzekerden sinds januari van dit jaar enorm is gestegen.

Onderzoek naar weigering zorg onverzekerden
De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) zal een onderzoek instellen naar het weigeren van onverzekerden door ziekenhuizen. Dat heeft minister Hans Hoogervorst (Volksgezondheid) de Tweede Kamer beloofd.

Aanleiding voor het onderzoek is een artikel in vakblad Medisch Contact van vorige week. Daarin schreven twee artsen dat ze van een Rotterdams ziekenhuis te horen hadden gekregen dat ze geen onverzekerden meer mochten doorverwijzen. De linkse oppositiepartijen PvdA, GroenLinks en de SP trokken daarover aan de bel. Zij vonden dat de minister moet ingrijpen.

Hoogervorst zei niet te snappen waarom de betrokken 'straatartsen', de huisarts F. Sikken en de arts M. Kok die hulp biedt aan illegalen, niet zelf naar de inspectie zijn gestapt. Hij heeft de IGZ gevraagd om deze kwestie te onderzoeken.

Daarnaast zal Hoogervorst de inspectie vragen om een meer algemeen onderzoek naar de manier waarop artsen vaststellen of een onverzekerde medisch noodzakelijke zorg nodig heeft. Mocht daaruit blijken dat het nodig is, dan zal hij daar nieuwe richtlijnen voor op laten stellen. Voormalig minister van Volksgezondheid Els Borst heeft in de jaren negentig in de wet vastgelegd dat illegalen en onverzekerden altijd recht houden op medisch noodzakelijke zorg, erkende minister Hoogervorst. Hij wil niet zeggen wanneer daar sprake van is. ‘Het is aan de arts om dat te beoordelen.’

Bronnen: NRC handelsblad, 20 mei 2006, en HuisartsVandaag, 3 juni 2006

 

Zorg om de zorg (5)

1. Hulp aan illegalen met aids schiet te kort

Bron: ANP

De Nederlandse overheid schiet ernstig tekort bij de opvang van illegalen met hiv. Bovendien blijken gemeenten steeds minder bereid om geld uit te trekken voor de preventie, de zorg voor en de steun aan mensen met hiv. Dat blijkt uit een zogenoemde ‘schaduwrapportage’ die Soa Aids Nederland, het Aids Fonds en Hiv Vereniging Nederland hebben opgesteld.

In Nederland zijn er artsen, ziekenhuizen en tandartsen die weigeren illegalen te helpen, terwijl zij daar wel recht op hebben, zo blijkt uit het schaduwrapport. Maar zelfs al krijgen illegalen met hiv medicijnen, dan gaat het niet altijd goed. Want illegalen hebben geen recht op een bed, eten of een bad en daardoor is het voor hen moeilijk om dagelijks op vaste tijden hiv-remmers te slikken. Het niet trouw slikken van hiv-remmers vergroot het risico op een resistent virus, schrijven de opstellers.

Ze vinden ook dat illegalen met hiv een verblijfsstatus moeten krijgen, als ze in het land van herkomst geen medicijnen kunnen krijgen en het risico bestaat dat ze daardoor binnen drie maanden kunnen overlijden. Nu krijgen illegalen met hiv alleen een tijdelijke verblijfsvergunning als ze terminaal ziek zijn. Zodra een patiënt door medicijnen opknapt, wordt die vergunning niet meer verlengd.

De schaduwrapportage is gebaseerd op interviews met asielzoeksters met hiv en met diverse organisaties die zich bezig houden met illegalen en hun gezondheid, variërend van Pharos tot het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam.

Meer informatie op: www.hivnet.nl

2. Vaccinaties zelf betalen
Een uitgeprocedeerde asielzoeker die niet mag werken en veertig euro per week ontvangt voor zijn onderhoud, moet zelf de honderdvijftig euro betalen voor vaccinaties die hij nodig heeft om te kunnen terugkeren naar zijn geboorteland.

‘Mijn man is een uitgeprocedeerde asielzoeker en al sinds 1993 in Nederland, maar hij wordt binnenkort uitgezet. Wij zijn in januari 2005 getrouwd en hebben sinds 24 februari 2005 een zoon. Bovendien is hij ook een vader voor mijn andere twee kinderen. Nu werkt hij al die tijd al mee aan zijn uitzetting en nu dat heel dichtbij komt omdat hij zijn studie heeft afgerond is hij al weken bezig om gevaccineerd te worden. Mijn financiële situatie is er niet naar om hem te verzorgen, dus staat hij ingeschreven bij het AZC. Hij heeft daar dus ook zijn ziektekostenverzekering. Maar deze dekt volgens het AZC zijn vaccinatie niet en een malaria profylaxe ook niet. In principe moet hij dat dus zelf bekostigen. Hoe is het mogelijk dat een uitgeprocedeerde asielzoeker die niet mag werken en veertig euro per week ontvangt voor zijn onderhoud rond de honderdvijftig euro moet ophoesten voor preventie van zijn gezondheid vooral de beginperiode als hij terug is in zijn moederland (Tsjaad) waar bovendien de situatie momenteel explosief is?'

Ik vroeg het AZC hoe dat komt. Ze vertelden mij dat ze er niet aan konden beginnen om mensen die terugkeren te vaccineren want dan blijven ze aan de gang. Buiten dat deze mensen dus gevaar lopen vanwege politieke reden hebben ze dus ook een gevaar om ziek te worden.